Credo

WAT WETEN WE van de natuur ? Doen we zelf voldoende onderzoek ? Toetsen we informatie aan ons gezond verstand ? Of laten we Manitou bepalen wat waar is en wat niet waar is ? Wat kan en niet kan.

Wetenschappers laten zien dat de wereld anders functioneert dan algemeen wordt aangenomen. Belangrijk is te onthouden dat – ten eerste – de ruimte niet leeg is en dat – ten tweede – geest en materie wel invloed op elkaar hebben. Dit zijn twee misvattingen waar we algemeen mee geplaagd zitten. Het bestaan van een alles doordringend veld werd aangetoond. (…)

Een medische praktijk is een bevoorrechte locatie voor wonderbaarlijke gebeurtenissen. Voorwaarde is dat men het wonder niet belet te gebeuren en dat wonderen tenminste een plaats krijgen in de geloofsovertuiging van de deelnemers. (…)

Dit betekent dat ik bij het behandelen van mijn patiënten via heel gerichte en uiterst zachte mobilisaties zeer gerichte en uiterst gedifferentieerde informatie aanbreng aan het lichaam. Eerst vorm ik in mijn gedachten het beeld van de beweging die ik wens uit te voeren. De beweging gebeurt steeds in ruimte-tijd (4D). Een nauwkeurig beeld is conditio sine qua non om tot een nauwkeurige uitvoering te komen. Deze intentie wordt onmiddellijk gevolgd door de eigenlijke mobilisatie waar het ene gewrichtsvlak over het aanpalende gewrichtsvlak wordt bewogen. Met de handen wordt het in het hoofd voorgestelde bewegingsbeeld uitgevoerd. Alle handgrepen gebeuren conform de drie mobilisatiewetten die door mezelf werden ontdekt, geheel binnen de filosofie van de Utrechtse School voor Manuele Therapie. Ondertussen voel ik in mijn hart reeds het resultaat van de toegepaste techniek. De oplossing is wat van primordiaal belang is en overschaduwt het probleem, zodat het probleem kan plaatsmaken voor de oplossing. Optimalisering vertrekt vanuit het optimum, daar waar correctie vertrekt vanuit de fout. Optimalisering verdient absoluut de voorkeur. Het resultaat komt gemakkelijker binnen bereik gezien de oplossing al leeft in het hoofd en in het hart.

Ik kan u als schrijver aanbevelen mijn boek meermaals aandachtig te lezen. Lezen, laten rusten, herlezen, laten rusten, herlezen (…) Deze informatie die ik te boek stel, ontving ik van verscheidene, bijzondere leermeesters, in de vorm van puzzelstukken en breng ze naar u. Aan gesneden koek hebt u ongetwijfeld minder baat. Zelf de stukjes in elkaar laten passen is zinvoller, dan kan verstaan overgaan in begrijpen. Na verschillende lezingen zult u merken dat de puzzel in elkaar past, dat het plaatje klopt. U zult meer en meer voeling met dit onderwerp krijgen. Wellicht mondt dit uit in meer en dieper inzicht. (…)

Uit het 21ste hoofdstuk van ‘de technologie van het wonder’

Jo Vandemeulebroucke