Ongelovige Thomas

Ongelovige Thomas

Dit is het elfde van 21 hoofdstukken uit ‘de technologie van het wonder.’Het middelste hoofdstuk. Een bijzondere plaats in het boek.

Van de twaalf apostelen die Jezus omringden in Galilea vind ik Thomas de interessantste, om de volgende reden. Het on-geloof van Thomas maakt net duidelijk wat écht geloof is. Thomas vraagt Jezus naar de fysieke bewijzen, ‘evidence based’ avant la lettre.

De apostel Thomas heeft ook een interessant evangelie geschreven. De geoloog Gregg Braden trof het aan in de bergen van Egypte. Wanneer je aan Egypte denkt, denk je onwillekeurig aan woestijn. In het Sint-Katharinaklooster aan de voet van de Sinaïberg mocht Braden boekrollen inkijken die dateren van voor het jaar 300 na Christus. Het ‘verloren’ evangelie van Thomas bevat verscheidene letterlijke citaten van Jezus Christus en daarom is dit evangelie zo interessant. Veel teksten in de huidige bijbel werden achteraf bewerkt door de eindredacteur alvorens uit te geven. Het belang om gedachte en emotie één te laten worden werd al eerder aangehaald. ‘Gedachte en emotie in één huis te laten wonen’ zoals het in de Aramese tekst verwoord staat. De gedachte ontspringt in het hoofd, de emotie leeft in het hart. Als men deze twee elektromagnetische activiteiten kan laten interfereren kan men, zoals de tekst zegt, bergen verzetten.

In mijn medische praktijk ben ik vaak deelnemer van wat men wonderen noemt. Ik beschouw mij niet als de enige bewerkstelliger ervan. De patiënt is eveneens deelnemer in dit wonderlijke proces. Om te behandelen moet men met twee zijn, één is te weinig, drie is eigenlijk al teveel. Behandelen is een persoonlijke kwestie, al besef ik dat de omgeving nauw betrokken is en meeleeft met de dierbare. Toch is de eigenlijke behandeling die in het kabinet van de hulpverlener plaatsvindt een persoonlijke gebeurtenis. Het is een unieke interactie tussen patiënt en therapeut. Aanwezigen kunnen verstorend werken ook al zijn ze zich daar waarschijnlijk niet van bewust

Op basis van het boek van professor Wheeler waarover ik het in ‘The English Rose’ (hoofdstuk 1) had, kwam ik tot de modificatie van de manuele therapie. In tegenstelling tot Albert Einstein, die slechts een kleine rol aan de mens toebedeelt in de werking van het universum, is John Wheeler de mening toegedaan dat de mens actief deelneemt aan het scheppingsproces. De mens is niet alleen observator maar ook participator en gaat mee bepalen hoe het universum eruit ziet. Zo wordt de mens medeschepper in het universum. Niet op een dwingende maar eerder op een deelnemende wijze. Mag ik opmerken dat John Archibald Wheeler (1911 – 2008) één van de meest vooraanstaande geleerden ter wereld is. Wheeler weet dat onze gevoelens en ons geloof meebepalend zijn in de uitwerking van een nooit eindigend scheppingsproces. Ons bewustzijn – in de vorm van onze gevoelens en onze geloofsovertuigingen – speelt een voorname rol in de schepping van onze fysieke realiteit. Dit is recente wetenschap. We leven ons leven op basis van wat we geloven over onszelf, de anderen, de wereld, mogelijkheden en beperkingen. Maar wat geloven we? Gregg Braden kwam erachter dat onze overtuigingen voornamelijk opgebouwd zijn op hetgeen geschiedenis, wetenschap, religie, cultuur, familie en vrienden ons vertellen. Stel dat zij het bij het verkeerde eind hebben? We leven ons leven op basis van wat anderen geloven.

Geloofsovertuigingen zijn immens sterk. Ze bepalen wat kan en wat niet kan. Max Planck, de vader van de kwantumfysica, stelde duidelijk : ‘De materie is niet wat we geneigd zijn te geloven wat ze is’. Planck vond dat er achter de kracht die de materie samenhoudt een intelligente en bewuste geest moét bestaan. Deze intelligentie is de matrix van de materie. Het hernieuwde Morley-Michelson experiment in 1986 bevestigde het bestaan van deze matrix. Braden gebruikt graag de benaming goddelijke matrix.

Bij de behandeling van de coma-patiënte Karin was ik dicht betrokken bij verschijnselen die voor mij op dat moment onverklaarbaar waren. Hoewel ik toch dikwijls wonderlijke zaken meemaak in mijn medische praktijk werden mijn verwachtingen sterk overtroffen bij de behandeling van Karin. Ik sluit dergelijke gebeurtenissen niet bij voorbaat uit en beschouw alle kwantummogelijkheden als effectief mogelijk. Ons bewustzijn bepaalt mee welke mogelijkheid uiteindelijk vorm krijgt in de fysieke wereld waar we deel van uitmaken. Indien we de geschikte omstandigheden kunnen creëren is het meest ondenkbare mogelijk, zolang we het niet uitsluiten van tevoren. Hier speelt het stelsel van geloofsovertuigingen een grote rol. Hiermee bedoel ik niet wat we op religieus vlak geloven, maar eerder hoe we de werkelijkheid beschouwen. Zoals Wheeler aangeeft bouwen we die werkelijkheid mee op, juist door wat wij geloven en aannemen als waar over deze werkelijkheid.

De ervaring leert me dat patiënten die mij met goede verwachtingen opzoeken doorgaans sneller herstellen dan patiënten die mij met enige scepsis en voorbehoud consulteren. Ik hoef er geen statistiek van bij te houden om dat te evalueren. Dit betekent niet dat de patiënt zich niet kritisch mag opstellen, maar een open en verwachtende geest is bevorderlijk om de gunstigste omstandigheden te creëren voor het herstelproces. De geloofsovertuiging van de patiënt en die van de therapeut spelen een cruciale rol in het herstel- en genezingsproces. Nogmaals wil ik opmerken dat dit niet gaat over religieuze overtuiging maar wel over het geloof dat de uitgevoerde behandeling tot een gunstig resultaat kan leiden. Ik kan het belang van de houding van patiënt én therapeut niet genoeg benadrukken. Ook komt het voor dat de behandelaar onvoldoende in de goede afloop gelooft. Zelf heb ik daar geen problemen mee. Ik weet dat er heel veel mogelijk is. Steeds probeer ik de omstandigheden te optimaliseren om de behandeling onder de meest gunstige voorwaarden te laten plaatsvinden.

Wanneer u iemand consulteert voor hulp, nodig ik u uit met goede verwachtingen deel te nemen aan het proces. Natuurlijk is het van belang de competentie van een dienstverlener te overwegen. Eenmaal de keuze gemaakt is een deelnemende houding van de hulpzoeker van belang. Het is raadzaam uw huisarts op de hoogte te brengen gezien de reguliere geneeskunde de hoeksteen en de sluitsteen is in de gezondheidszorg. Een klinische diagnose bij ziekte of aandoening is een gezond uitgangspunt voor de behandeling.

 

admin

Reacties zijn gesloten.